In gesprek met Trea van Drunen!

In 2011 was je de eerste winnaar van de Pride Photo Award met je portret van Leon, een elfjarige transgenderjongen. Hoe heb je dat ervaren?

 

Het was heel verrassend, want ik had absoluut niet verwacht dat ik zou winnen. Ik was net afgestudeerd aan de Fotoacademie in Amsterdam, dus het was een fantastisch begin. Het voelde heel bevestigend. Mijn foto van Leon werd verspreid door heel de stad, wat ik heel bijzonder vond. Ik kreeg zelfs sms’jes van mensen die ik niet kende, waarschijnlijk hadden ze me opgezocht op internet. Een persoon schreef me dat ze van de fiets was afgestapt om mijn foto te bekijken. Ze vond hem wonderschoon. Dat soort reacties raakten me diep.

 

Ik ben iemand die graag achter de camera blijft, dus ik moest wel wennen aan alle aandacht die ik kreeg. Het voelde ook wel een beetje als de omgekeerde wereld: ik, net afgestudeerd, en dan al een prijs. Maar goed, als je meedoet aan een wedstrijd, dan loop je natuurlijk dat risico (lacht).

 

Je prijswinnende portret van Leon is onderdeel van een veel grotere fotoserie die je over Leon maakt. Hoe werd dat project geboren?

 

Ik heb lang gewerkt, en werk nog steeds, als grimeur. Ik ben daardoor altijd bezig met transformaties, al zij het op een oppervlakkige manier. Doordat ik op een zeker moment mijn artistieke ei niet goed kwijt kon bij het bedrijf waar ik werkte, ben ik de Fotoacademie gaan volgen. Voor het eindproject dat ik moest maken, ben ik op zoek gegaan naar transformaties die zich in het echte leven voltrekken.

 

Ik heb bij het Kennis- en Zorgcentrum voor Genderdysforie van het VUmc een briefje opgehangen met informatie over wie ik was en wat ik zocht, en kwam zo in contact met Leon en zijn ouders. Het klikte direct. Toen Leon drie jaar oud was, had hij al moeite met de meisjeskleding die hij droeg. En dat gevoel werd sterker. Toen Leon acht jaar oud was, besloten zijn ouders tijdens een vakantie Leons haar kort te knippen en hem jongenskleding te laten dragen. Leon leefde totaal op. Toen de familie terugkeerde van vakantie en Leon weer terug naar school moest, ging hij weer als meisje door het leven. Voor zijn medeleerlingen was Leon immers nog steeds Lisanne. Dat ging niet goed. Zijn ouders besloten al snel dat ze Leon alles zouden bieden wat hij nodig had en zijn toen bij het VUmc terecht gekomen.

 

Omdat ik Leons mentale en fysieke transformatie natuurlijk niet in drie of vier maanden kan vastleggen, bleek zijn verhaal zich niet goed te lenen voor het beperkte tijdsbestek waarin ik mijn eindproject moest maken. Ik heb daarom een ander onderwerp gezocht voor mijn eindproject, maar dat nam niet weg dat ik besloot Leon voor een periode van tien jaar te gaan volgen.

 

Leon was elf toen hij voor het eerst voor je camera poseerde. Hij is inmiddels dertien. Hoe staat het ervoor met je fotoserie?

 

Ik heb Leon nu zes keer gefotografeerd over een periode van twee jaar. Hij verandert enorm snel. Hij is nu kind-af. Meestal komt hij met zijn moeder naar mijn studio. Eigenlijk praten we dan vooral. Vaak fotografeer ik maar een half uur. Leon is snel op zijn gemak voor de camera. En het is een dromer. Als ik met mijn lichten of reflectieschotten bezig ben op de set, zie ik hem regelmatig wegdromen. Het is me nu eindelijk gelukt om dat vast te leggen.

 

Verder bezoek ik Leon ongeveer om de drie maanden bij hem thuis. Meestal neem ik mijn fotocamera mee. Naast de portretfoto’s, maak ik dus ook documentaire foto’s: Leon thuis, Leon in de klas, Leon tijdens het sporten. De ontwikkeling van Leon hangt heel nauw samen met zijn gezinssituatie en verdere sociale omgeving, dus ook dat wil ik vastleggen. Zijn familie, zijn school, de kerk: iedereen is van grote steun. Het is dat wat zijn verhaal tot een succesverhaal maakt en zal blijven maken.

 

Wat vonden Leon en zijn ouders ervan dat je meedeed aan de wedstrijd?

 

Ik heb alles vooraf heel goed met hen besproken. Zij vonden het geen enkel probleem als mijn foto’s gepubliceerd zouden worden. Leon was trots toen ik won. Omdat hij een jongen is van weinig woorden is, heb ik hem gevraagd zelf dagboekjes bij te houden. Ik ben zeer geïnteresseerd in wat hij denkt en hoe hij zich voelt. Ik fotografeer hem steeds van heel dichtbij, maar ik wil ook weten hoe hij zijn leven en het fotograferen ervaart.

 

Je hebt de opdracht gekregen om de Pride Photo Award-juryleden van dit jaar fotograferen. Hoe kun je in een kort tijdsbestek tot een goed portret komen?

 

Ik verdiep me vooraf altijd in de mensen die voor mijn camera zullen komen. Ik lees over hun werkzaamheden en vorm me een beeld van hoe ze op foto’s overkomen. Ik weet altijd wat voor licht ik wil gaan gebruiken, maar ik laat me ook graag leiden door het moment. Als mensen het poseren enigszins spannend vinden, zeg ik altijd: ‘Kijk mij aan, dwars door de camera heen. Overdonder me maar met je blik.’ Op die manier geef je de geportretteerde een gevoel van controle, wat het poseren vaak minder eng maakt.

 

Is er ten slotte nog iets dat je toekomstige kandidaten aan de Pride Photo Award zou willen meegeven?

 

Zoek het altijd bij jezelf. Volg je nieuwsgierigheid. Laat je leiden door je gevoel. Wees open en eerlijk over wat je wilt bereiken. Dat werkt ook het beste voor de mensen die je portretteert: je houdt mensen echt niet voor de gek.

 

Niels van Maanen

is kunsthistoricus en criticus, Amsterdam
 
 
treavandrunen_leon.jpgtreavandrunen_leon2
 
Foto’s: Leon, 2011 en Leon, 2013 © Trea van Drunen
 

Pride Photo Award is een jaarlijkse internationale wedstrijd voor foto's over seksuele en gender diversiteit.

Taal:

  • English
  • Nederlands